|
Beste
relatie,
Bijgaand zenden wij u de
Freezelist voor uw handboek.
In deze
nieuwsbrief:
- Leidraad passende
provisie
- Nieuwe regels SPAM
(2)
- Voorstellen AFM
ten aanzien van hypotheken
- Permanente educatie, de
tweede ronde
- Klantacceptatie
Leidraad
passende provisie
In onze
nieuwsbrief 2009-5 hebben wij u al geïnformeerd over de
"Leidraad passende provisie". In deze leidraad geeft de AFM heel
gedetailleerde invulling aan de inducementregels van het
Besluit gedragstoezicht financiële ondernemingen. Waar het
in mei nog een consultatie betrof is de leidraad inmiddels
definitief geworden.
In de definitieve
leidraad is inhoudelijk niet veel gewijzigd ten opzichte
van het consultatiedocument. Eén van de meest in het oog springende
aanpassingen is de verantwoordelijkheid die aanbieders kregen
toebedeeld in de Leidraad. Deze verantwoordelijkheid stuitte op
teveel praktische bezwaren en is dan ook
aangepast.
Hoewel de AFM in
haar Leidraad schetst dat het slechts een Leidraad betreft en
het de financiële dienstverlener vrij staat om af te wijken van deze
Leidraad, is de invulling van de Leidraad dermate gedetailleerd dat
het weinig ruimte laat voor "eigen" interpretaties. Wij adviseren u
dan ook uw beloningsbeleid zoveel mogelijk aan te laten sluiten bij
deze Leidraad.
De belangrijkste
punten in de Leidraad zijn:
- primair geldt een
verbod op het ontvangen van provisie voor complexe producten en
hypothecaire kredieten;
- provisie is
mogelijk, mits de provisie de kwaliteit van de dienst ten goede
komt en de provisie geen afbreuk doet aan uw verplichting om u in
te zetten voor de belangen van de klant;
- om te beoordelen
of de provisie geen afbreuk doet aan uw verplichting om u in de
zetten voor de belangen van de klant gelden 5
indicatoren;
- u hoeft niet op
postniveau te beoordelen of de provisie passend is;
- u moet in dat geval beleid
maken hoe u omgaat met beloning en dit beleid inpassen in
processen en maatregelen;
- u moet wel voorkomen dat er
excessen optreden in uw beloning;
- de beoordeling of
beloning passend en toelaatbaar is, dient vooraf te
geschieden;
- u moet de hele
provisie in de keten transparant maken, dus ook de
provisie/beloning die bijvoorbeeld de leadgenerator of de
serviceprovider ontvangt.
Bijgaand ontvangt u
van ons een concept beloningsbeleid. Wij adviseren u deze op maat te
maken voor uw eigen organisatie. In dit beloningsbeleid spelen de
volgende aspecten een rol:
- het soort dienst
en de werkzaamheden die worden verricht. Is er sprake van een
volledig adviestraject of bijvoorbeeld uitsluitend bemiddelen of
leads aanleveren. Ook aspecten als het verlenen van nazorg voor de
ontvangen beloning kunnen van invloed zijn;
- een analyse van
het verwachte voordeel voor de bemiddelaar en de klant. Er moet
een evenwichtige relatie zijn tussen de hoogte van de provisie
enerzijds en de kosten en de inspanningen van de bemiddelaar
anderzijds. Met andere woorden is er sprake van een excessieve
prikkel? De bemiddelaar die een meer dan gemiddelde inspanning
moet leveren voor de dienst mag een hogere beloning ontvangen dan
wanneer de inspanning lager dan gemiddeld is. Deze analyse hoeft,
zoals aangegeven, niet op postniveau te geschieden. Wel is het van
belang dat u de excessen hieruit haalt. Wij adviseren u dan ook
per adviessoort een minimum en een maximum beloning te hanteren.
Als de provisie ontoereikend is ten opzichte van de minimum
beloning, zal de klant moeten "bijbetalen" en als de provisie
boven de maximumbeloning komt wordt dit meerdere "ingebouwd" of
"teruggegeven" aan de klant. Let wel op het "bijbetalen" is een
dienstverleningsvoorwaarde waarmee de klant, voorafgaand aan de
dienstverlening, akkoord moet zijn gegaan. U kunt dit het beste
doen door middel van een zogenaamde "Opdracht van
dienstverlening";
- de gebruikelijke
marktpraktijk. Provisies die (sterk) afwijken van wat gebruikelijk
is in de markt kunnen een prikkel hebben die het belang van de
klant niet centraal stelt. Wij adviseren u uitsluitend van
marktgemiddelden af te wijken indien u aannemelijk kunt maken dat
u meer werkzaamheden verricht dan gebruikelijk is in de markt en
die deze hogere beloning rechtvaardigt;
- de onderlinge relatie. Wat is de relatie tussen de
aanbieder die de provisie verschaft en de bemiddelaar (in aandelen
of zeggenschap);
- de afhankelijkheid van
provisie. In hoeverre bent u voor uw bedrijfsvoering afhankelijk
van afsluitprovisie. Als deze afhankelijkheid te groot is kan dit
ertoe leiden dat u het belang van de klant niet centraal stelt.
Ook kan er sprake zijn van grotere afhankelijkheid van een
aanbieder, denk bijvoorbeeld aan leningen bij aanbieders of
rekening-courantachterstanden.
De AFM waarschuwt dat
bemiddelen een ruim begrip is waar veel werkzaamheden onder vallen.
Partijen kunnen de inducementregels niet ontduiken door de
werkzaamheden te bestempelen als "uitbesteden". Steeds zal bekeken
moeten worden wat de werkzaamheden feitelijk inhouden. Als sprake is
van bemiddelen (of adviseren) zijn de inducementregels van
toepassing.
Nieuwe
regels SPAM (2)
In onze nieuwsbrief 2009-7
informeerden wij u over de nieuwe regels welke vanaf vandaag gelden
ten aanzien van SPAM. Aangezien de regels blijkbaar nog niet geheel
duidelijk zijn komen wij er in deze nieuwsbrief op
terug.
Zowel in de
Telecommunicatiewet als in de Wet op het financieel toezicht zijn
bepalingen opgenomen over het (ongevraagd) benaderen van
consumenten. Vanaf 1 oktober 2009 zijn deze regels ook van
toepassing op bedrijven. De belangrijkste punten van deze wetgeving
zijn:
- het is verboden om
ongevraagd elektronische berichten met een commercieel,
charitatief of ideëel doel te versturen;
- onder elektronische
berichten worden o.a. verstaan: e-mail, sms of mms, fax
of een telefonisch oproepsysteem;
- als u van een bestaande
klant voor het verlenen van een dienst elektronische
contactgegevens heeft ontvangen mag u deze gegevens gebruiken voor
het overbrengen van informatie ter bevordering van de
totstandkoming van gelijksoortige financiële producten of
diensten;
- u moet bij het verkrijgen
van de contactgegevens aan de klant duidelijk en uitdrukkelijk de
gelegenheid hebben geboden om op kosteloze en gemakkelijke wijze
verzet aan te tekenen tegen het gebruik van de elektronische
contactgegevens. Indien dit niet heeft plaatsgevonden, zult u
toestemming moeten vragen aan uw klant om zijn elektronische
contactgegevens alsnog te gebruiken;
- u moet de klant bij iedere
communicatie de mogelijkheid bieden om op kosteloze en
gemakkelijke wijze verzet aan te tekenen tegen het verdere gebruik
van zijn elektronische contactgegevens;
- u moet bij iedere
elektronisch bericht uw werkelijke identiteit vermelden en een
geldig postadres of nummer waaraan de ontvanger een verzoek tot
beëindiging van dergelijke communicatie kan
richten.
Kortom, indien u in het
verleden bijvoorbeeld een e-mailadres van uw klant heeft ontvangen
en u heeft aangegeven dat u deze wenst te gebruiken in het
berichtenverkeer tussen uw bedrijf en de klant en de klant de
gelegenheid heeft geboden om hiertegen verzet aan te tekenen, dan
kunt u dit e-mailadres blijven gebruiken zonder hernieuwde
toestemming. Bent u niet duidelijk geweest in de mogelijkheid om
verzet te bieden, dan zult u uw klant toestemming moeten vragen zijn
elektronische contactgegevens te mogen blijven gebruiken voor uw
commerciële informatie.
Voorstellen AFM ten aanzien van
hypotheken
De AFM heeft nieuwe
voorstellen ontwikkeld voor de verstrekking van hypotheken. Deze
vindt de AFM noodzakelijk om consumenten te beschermen tegen te
grote betalingsrisico's bij de financiering van hun woning. Zij
stelt daarom voor de bestaande inkomensnorm (Gedragscode
Hypothecaire Financieringen) op onderdelen aan te passen. Ook
voorzien de plannen in een nieuwe schuldrichtlijn, waarbij in het
advies over een hypotheek ook de maximaal gewenste verhouding tussen
de schuld en de waarde van de woning wordt
meegenomen.
De nieuwe schuldrichtlijn gaat
uit van een maximale schuld van 100% van de aankoopwaarde van een
woning. Daar kan van worden afgeweken als er bijvoorbeeld sprake is
van vermogen, verbouwingen die leiden tot een hogere waarde van de
woning of een hypotheek die gezien de inkomensnorm laag is. Ook een
hypotheek met Nationale Hypotheek Garantie kan meer dan 100%
bedragen.
Om rekening te houden met de
kwetsbare woningmarkt, stelt de AFM een overgangsmaatregel voor. Die
houdt in dat meer dan 100% van de aankoopwaarde kan worden geleend,
mits deze top binnen vijf tot zeven jaar wordt afgelost. Deze
maatregel wordt na twee jaar geëvalueerd.
De bestaande inkomensnorm op
basis van de GHF moet in de voorstellen van de AFM op een aantal
punten worden verbeterd. Zo moet er rekening gehouden gaan worden
met de gezinssamenstelling (wel of geen kinderen) en moet de
uitzonderingsmogelijkheid worden ingeperkt tot een viertal
specifieke situaties. Daarnaast stelt de AFM voor om bij consumptief
krediet, net als bij de GHF-norm, de hypotheeklast mee te wegen als
ware het een annuïtaire hypotheek en niet langer de werkelijke
woonlast. Dat beperkt het risico dat kredieten in combinatie met een
hypotheek eveneens tot te hoge schulden kunnen
leiden.
Deze voorstellen heeft de AFM
ter consultatie aan de markt aangeboden. Alvorens hierop het
handboek aan te passen wachten wij de uitkomst van deze consultatie
af. Daarnaast zijn wij van mening dat de AFM hiermee de grenzen van
haar toezichthoudende rol overschrijdt. Het is zeer wel mogelijk dat
de AFM op dit gebied door de politiek wordt
"teruggefloten".
Permanente educatie, de tweede
ronde
Het College Deskundigheid
Financiële Dienstverlening heeft de toetstermen voor permanente
educatie 2010/2011 ter consultatie aan de markt voorgelegd. Nu de
termijn van de eerste ronde van permanente educatie (PE) op zijn
einde loopt is het een goed moment om deze eens te
evalueren.
Om te voldoen aan de
PE-vereisten is het mogelijk om een toets te doen of een
kennisbijeenkomst bij te wonen met een toetsend element. De
geaccrediteerde opleidingsinstituten hebben ten aanzien van de
kennisbijeenkomst er nagenoeg allemaal voor gekozen om aan het einde
van deze bijeenkomst een toets af te nemen. Als docent en ook
cursist van dergelijke kennisbijeenkomsten is het ons opgevallen dat
de overgrote meerderheid van de deelnemers aanwezig is met slechts
één doel, het behalen van het PE-certificaat en dus de toets. Het
uiteindelijke doel van PE, namelijk om kennis over te dragen en te
borgen, wordt ons inzien hiermee niet
behaald.
In andere branches zoals de
advocatuur, notariaat en accountancy zijn de beroepsbeoefenaren ook
verplicht hun kennis bij te houden. In deze branches moet men binnen
de gestelde termijn een aantal PE-punten behalen. Opleiders en
organisatoren van workshops en congressen kunnen door de
verantwoordelijke toezichthouders voor hun programma een aantal
PE-punten toegekend krijgen. Het grote voordeel van dit systeem is
dat men zich uitsluitend inschrijft voor PE-programma's die
aansluiten bij hun dagelijkse praktijk en voor onderwerpen waar men
oprecht geïnteresseerd in is. Hierdoor is de kwaliteit van de kennis
en daarmee ook de dienstverlening meer gebaat.
Het ziet er niet naar uit dat
onze Minister van Financiën genegen is om het huidige systeem van PE
aan te passen, temeer nu onze collega's uit de bancaire wereld
dezelfde verplichting boven het hoofd hangt. Daarom lijkt het ons in
ieder geval zinvol dat de opleidingsinstituten nadenken over de
wijze waarop zij de kennisbijeenkomsten met een toetsend element
vormgeven. Het moet mogelijk zijn om de bijeenkomsten meer
kennisgericht en minder certificaatgericht te verzorgen. Een mooie
uitdaging voor de tweede ronde van de PE!
Heeft u nog niet aan (al) uw
PE-verplichting voldaan, dan dringt de tijd. Voor 27 december 2009
dient u aan uw PE-verplichting te hebben voldaan, als u tenminste
optreedt als feitelijk leider. Als u niet aan de PE-verplichting
voldoet per 27 december 2009, mag u niet meer optreden als feitelijk
leider. Indien binnen uw organisatie geen andere feitelijk leider
aanwezig is voor dit betreffende vergunningsdeel, dan mag u de
bedrijfsactiviteiten die bij dit vergunningsonderdeel behoren niet
meer uitoefenen. U dient dit te melden aan de
AFM.
Ook in die gevallen dat u geen
feitelijk leider bent is het raadzaam om uw assurantiediploma's bij
te houden door middel van PE. De mogelijkheid bestaat dat u ook nog
na 27 december 2009 deze PE-programma's kunt volgen c.q. examen
kunt doen, maar niemand zal garanties afgeven hoelang deze
programma's/examens nog worden aangeboden. Dit zal voornamelijk van
de vraag afhangen.
Klantacceptatie
Als aanbieder, bemiddelaar of
gevolmachtigde heeft u te maken met diverse wet- en regelgeving op
het gebied van klantacceptatie. Wij zetten deze regels even voor u
op een rij:
- de Wet ter voorkoming van
witwassen en financieren van terrorisme;
- de Wet op het financieel
toezicht;
- de
Sanctiewet;
- de Regeling CDD-beleid voor
kredietinstellingen en verzekeraars.
De meeste van deze wet- en
regelgeving is uitsluitend van toepassing op bankproducten en
levensverzekeringen (niet natura-uitvaart). De Sanctiewet en de
Regeling CDD-beleid zijn echter ook van toepassing op
schadeverzekeringen. Naast de mogelijke boetes die de AFM kan
opleggen bij overtreding van deze wetgeving heeft u als financieel
ondernemer ook belang bij een zorgvuldige klantacceptatie. Het
accepteren van een ongewenste klant kan immers leiden tot een
behoorlijke reputatieschade.
Voor die kantoren waar
voornamelijk met schadeverzekeringen wordt gewerkt in de eigen regio
is het risico op een "ongewenste" relatie en stuk minder groot dan
internationaal werkende kantoren of kantoren die zich met
vermogensopbouw bezig houden. Wij adviseren u dan ook beleid te
maken ten aanzien van de klantacceptatie. Deel uw klanten in op
risicocategorieën en stem hierop uw beheersingsmaatregelen af. In uw
organisatiehandboek zijn met name deze beheersingsmaatregelen al
opgenomen. Indien u hier prijs op stelt zijn wij u graag van dienst
met het opstellen van uw
klantacceptatiebeleid.
Deze nieuwsbrief is gemaakt
naar de kennis van 1 oktober 2009. Ondanks de
zorgvuldigheid waarmee deze is samengesteld kunnen wij wij geen
enkele aansprakelijkheid aanvaarden aangaande de juistheid en
compleetheid van deze
informatie. |